Filed under Aflevering 4-42, Nieuwe Releases by myrtedejong on 6 juni 2011 at 18:19
no comments
In het zojuist verschenen e-boek ‘Aan de slag Achter de Voordeur. Van signaleren naar samenwerken’ zijn de ervaringen vastgelegd van het experiment ‘Achter de Voordeur’. Het boek is een tool voor (aanstaande) projectleiders en beleidsmedewerkers bij de ontwikkeling van een eigen benadering van de multiproblematiek in huishoudens.
Slimme aanpak multiprobleemhuishoudens
Het experiment Achter de Voordeur heeft zich specifiek gericht op complexe problematiek in huishoudens waar een groot aantal instanties betrokken is bij de zorg-, hulp- en dienstverlening. In deze multiprobleemhuishoudens hebben meerdere leden van het gezin problemen. De verschillende hulpverleners weten vaak niet van elkaars interventie en/of ondersteuning. De uitdaging van het experiment was uit te zoeken hoe de verschillende zorg-, hulp- en dienstverleners effectiever kunnen samenwerken.
Aanpak 1 gezin, 1 plan, 1 regisseur
Het experiment omvat de gezamenlijke zoektocht van 6 gemeenten (Amsterdam, Den Haag, Nijmegen, Eindhoven, Groningen en Enschede) en het Rijk naar een effectieve aanpak van multiprobleemhuishoudens. De gemeenten hanteerden hierbij de aanpak ‘1 gezin, 1 plan, 1 regisseur’. De resultaten van dit experiment en de ervaringen van de projectleiders van de gemeenten, zijn gebundeld in het e-boek. Naast de ervaringen is de ‘MKBA (maatschappelijke kosten-batenanalyse) tool’ ontwikkeld. Hiermee kan bekeken worden wat de inspanningen om multiproblematiek binnen een huishouden aan te pakken, uiteindelijk financieel opleveren.
Filed under Aflevering 4-42, Nieuwe Releases by myrtedejong on 6 juni 2011 at 18:18
no comments
Bron: Nieuwsblad de Kaap
Vorige week is het zesde spel in de serie ‘Veertig Vileine Vragen’ van de CoachingCarrousel uitgekomen. Het nieuwe spel heet ‘Veertig Vileine Vragen voor ouders van zorgintensieve kinderen’ en is speciaal bedoeld voor ouders van kinderen die om welke reden dan ook speciale aandacht nodig hebben. Twee van de auteurs zijn zelf ervaringsdeskundigen op dit gebied en zij hebben voor dit spel samengewerkt met de stichting Lotje&co, een stichting voor ouders en gezinnen met een zorgintensief kind. Het zijn veertig prikkelende, uitdagende en lastige vragen die je aan het praten en denken zetten over jouw uitgangspunten voor de opvoeding van je kind, over de zorg voor jezelf en elkaar.
door Katka Kolmas
Het spel bestaat uit veertig kaarten met op elke kaart een andere vraag. Je speelt het alleen of in een groep en de vragen zijn bedoeld om je aan het praten en denken te zetten. Het spel is gemaakt door Philine Spruijt, Francine ten Hoedt en Anne Marchal van de CoachingCarrousel uit Driebergen. De CoachingCarrousel is een samenwerkingsinitiatief tussen tien professionele, zelfstandig werkende coaches. Philine Spruijt, een van de oprichters van de CoachingCarrousel, heeft als coach en ouder van een zorgintensief kind de nodige ervaring op dit gebied. Spruijt vertelt: ,,Als ouder van een zorgintensief kind ga je een bepaald proces door. Eerst is er ontkenning en ongeloof, daarna het verdriet en tot slot het accepteren. Bovendien is het zo dat het hebben van een zorgintensief kind ook hele mooie kanten kan hebben. Je leert heel veel van je kind. De vragen die we voor dit spel hebben ontwikkeld gaan daarover en helpen je meer inzicht te krijgen in jouw situatie en die van anderen. De mooiste vraag vind ik zelf ‘Wat kunnen anderen van jou leren?’ omdat je je door het antwoord daarop gaat realiseren dat een zorgintensief kind ook een positieve invloed kan hebben. Brede acceptatie in de maatschappij en ook het gewoon kunnen genieten van je kind, maakt het leven van ouders van deze kinderen een stuk makkelijker. Daaraan hopen we met dit spel een bijdrage te leveren.”
De CoachingCarrousel heeft inmiddels zes van dergelijke spellen uitgebracht, telkens voor een andere doelgroep. Het idee voor een spel ontstond tijdens een coachingsopdracht voor een uitvaartonderneming. De leden van die onderneming waren erg individueel bezig en van enige teamspirit was geen sprake. Spruijt: ,,De opdracht aan ons was om te zorgen dat de leden meer van elkaar konden leren en minder individueel bezig zouden zijn. De onderneming wilde dat bereiken met een losse vorm van begeleiding en toen bedachten we een spel met kaarten. Het was ons opgevallen dat mensen vaak dingen denken van elkaar, maar deze gedachten niet uitspreken. Terwijl je door te vragen veel van elkaar kunt leren. De vragen die we hebben bedacht zijn prikkelend, zeker niet schokkend, en bedoeld om vanuit een andere invalshoek naar jezelf en je functioneren in een groep te kijken. Ze laten je nadenken over hoe je bepaalde zaken kunt aanpakken en hoe je zaken waarover je minder tevreden bent anders zou kunnen inrichten”, aldus Spruijt. Zij gebruikt de spellen zelf vaak in coachingsgesprekken omdat ze daarmee op een ongedwongen, speelse manier essentiële zaken aan de orde kan stellen. ,,Maar je kunt de spellen ook heel goed alleen, met je partner of met je vrienden spelen”, merkt Spruijt op.
Andere spellen in deze serie zijn Veertig Vileine Vragen voor jezelf, teams, zzp’ers, spin in ‘t web en ouders. De spellen kosten € 12,50 per stuk en zijn verkrijgbaar bij Jacques Baas of op www.coachingcarrousel.com.
Filed under Aflevering 4-42, Nieuwe Releases by myrtedejong on 6 juni 2011 at 18:17
no comments

Cristòfol, Christof, Christophe en Christopher zijn halfbroers, zoons van dezelfde vader en vier verschillende moeders. Ze wonen respectievelijk in Barcelona, Frankfurt, Parijs en Londen. Ze hebben nooit van elkaars bestaan geweten. Hun vader, Gabriel, heeft hen in de steek gelaten toen ze nog klein waren. Op de dag dat hij vermist wordt verklaard, komt het geheim aan het licht.
De broers spreken af elkaar in Barcelona te ontmoeten. Twintig jaar lang hebben ze niets van hun vader gehoord, ze kunnen zich hem nauwelijks herinneren. Toch besluiten ze hem te gaan zoeken, in de hoop antwoord te krijgen op hun vragen. Waarom is hij nooit meer teruggekeerd? Waarom hebben ze allemaal dezelfde naam? Leeft hij nog? Stap voor stap reconstrueren de ‘christoffels’ het leven van hun vader: zijn kindertijd in een weeshuis, zijn jaren in een pension, en vooral de ritten die hij als vrachtwagenchauffeur door heel Europa maakte met zijn twee onvergetelijke collega’s, de kleurrijke Bundó en Petroli.
Verloren bagage verhaalt van de verstrengelde lotsbestemmingen van de leden van een ongewone familie. Het is grappig, met vaart geschreven en neemt de lezer vanaf de eerste pagina mee op een verrassende reis door Europa.
Productdetails
Titel: Verloren bagage
Auteur: Jordi Puntí
Druk/editie: 1
ISBN 10: 9045827964
ISBN 13: 9789045827964
Uitgever: Mouria, Uitgeverij
Filed under Aflevering 4-42 by myrtedejong on 6 juni 2011 at 18:14
no comments
Bron: BN DE Stem
Hij keek de jongeren recht in de ogen en zag een lege blik, door alcohol en drugs verdoofd. ‘Ouders waar ben je’ vroeg de Roosendaalse burgemeester Jacques Niederer zich af. Hij liep in de nacht van vrijdag op zaterdag met de politie mee.
Op de hangplekken in het Emile van Loonpark, Kalsdonk, Kroeven en Langdonk trof hij de groepen jongeren. “Zinledig hingen ze rond, tot in het diepe nachtelijk uur. Ze waren onder invloed en lieten een hoop rotzooi achter. Het zou mijn kind niet moeten zijn. Opvoeden is een basale plicht van iedere ouder. Als ze niet weten dat hun kind daar rondhangt, moeten ze zich ook schamen.”
Op de ladder van Niederers ergernissen scoort de hangjeugd hoog. Veel aangenamer was de kennismaking met de Roosendaalse horeca. “Bij de meeste cafés staat een gecertificeerde portier aan de deur. Dat werkt. Zij houden contact met elkaar als een klant wordt buitengezet en de portiers hebben allemaal het mobiel nummer van de politie op straat. Die samenwerking is heel goed.”
De burgemeester heeft dat met eigen ogen gezien toen een groep van vijftien jongeren een café werd uitgezet. “Ze liepen wat opgefokt op straat en werden gevolgd. Door de agenten en door de camera’s. We zagen hoe ze gingen shoppen, op zoek naar een café waar geen portier staat. Daar stapten ze binnen en we hebben er verder niks meer van gehoord.”
Tussen 1980 en 1988 werkte de burgemeester zelf bij de politie. De tijd is veranderd, de organisatie ook. Niederer hoopt dat er voldoende aandacht en geld blijft voor het politiewerk in een gemeente.
“Als de minister zelf korpsbeheerder wordt, vrees ik dat hij vooral inzet op het opsporen van strafbare feiten. Dat is ook heel belangrijk, maar het mag niet ten koste gaan van de openbare orde op straat. Die verhouding dreigt uit balans te raken.”
In de loop der jaren zijn politietaken naar de gemeente gegaan, waar bijzondere opsporings ambtenaren voor worden ingezet. “In mijn tijd was er een rijkspolitie en een gemeentepolitie. Daar neigt het weer naar.”
Wat de gemeente Roosendaal zelf oppakt, zal staan in het Integraal Veiligheidsplan, waar Niederer aan werkt. Dat plan was een belangrijke reden om een nachtje met de politie mee te lopen, naast de kennismaking met de politie. Over het veiligheidsplan heeft de burgemeester contact met politie, brandweer en de dertien bewonersplatforms in de wijken en dorpen.
“Die platforms worden eigenaar van een deel van het veiligheidsplan. Ik wil met ze praten over wat zij zelf kunnen doen aan schoon, heel en veilig. De politie mag geen afvalputje van de samenleving zijn, die als enige instantie na vijf uur open is en alle puin mag opruimen.”
De nachtdienst bevestigde dat van overlast op straat door drugsdealers amper sprake is. Die angst was er na het sluiten van de coffeeshops. “Er is er één aangehouden, het cameratoezicht werkt geweldig.”
Filed under Aflevering 4-42 by myrtedejong on 6 juni 2011 at 18:12
no comments
Bron: Leidsch Dagblad
Minister Opstelten (veiligheid en justitie) belooft dat criminele jeugdbendes in het hele land binnen twee jaar van straat worden gehaald. Dat gaat lukken, volgens politie Hollands Midden, maar er kunnen wel nieuwe criminele groepen bijkomen.
De criminele jeugdbende die in Leiden-Noord actief is, heeft zware klappen te verwerken gekregen van de politie. ,,We houden ze goed in de gaten. Er zitten er al een paar vast. Het is geen probleem om deze bende binnen twee jaar op te rollen’’, zegt Krishna Taneja, die bij politie Hollands Midden verantwoordelijk is voor de aanpak van jeugdcriminaliteit.
Dat betekent niet dat er dan geen jeugdbendes meer bestaan. ,,In Leiden zijn tien hinderlijke en overlastgevende groepen jongeren. Als ze in de fout gaan, pakken we ze zo snel mogelijk op. Maar wat nu een hinderlijke groep is, kan volgende week uitgroeien tot een criminele bende”, zegt Taneja.
Hij reageert op de uitlatingen van minister Opstelten, die zegt binnen twee jaar de samenleving ’te ontlasten van criminele jeugdbendes’. ,,Dat gaat gebeuren’’, zegt de minister stellig. Opstelten wijst op toezeggingen van de politie, het openbaar ministerie en van de steden.
Taneja is blij met de landelijke aandacht voor het onderwerp, maar wijst op de onvoorspelbaarheid van de jongeren. ,,We hanteren een lik-op-stukbeleid bij de groepen die nog niet crimineel zijn. Helaas zijn er ook jongeren die alleen onder de indruk zijn van langere straffen. We proberen per geval de goede aanpak te kiezen.’’
Filed under Aflevering 4-42 by myrtedejong on 6 juni 2011 at 18:11
no comments
Bron: SP
Het Bestuursakkoord dat de VNG met het Rijk heeft uitonderhandeld is onaanvaardbaar. Niet alleen wordt daarmee een enorme kaalslag op sociaal terrein via de gemeenten opgelegd, dat gebeurt dan ook nog eens op een manier die voor de gemeenten zelf onuitvoerbaar is. Tot deze conclusie kwamen SP-wethouders uit het hele land en SP-fractievoorzitter Emile Roemer in een gezamenlijk overleg. Roemer: ‘Marginale aanpassingen van het conceptakkoord kunnen daar geen verandering in brengen. Er zitten gewoon fundamentele fouten in dit conceptakkoord. Gemeenten kunnen dit niet voor hun verantwoording nemen. Wij roepen alle gemeenten op dit akkoord te verwerpen.’
Volgens Roemer is het sowieso niet te verteren dat het kabinet in haar regeerakkoord heeft bepaald dat de sociale werkvoorziening voor nieuwe mensen bijna op slot gaat, en dat mensen met een beperking dan voor minder dan het minimumloon fulltime moeten gaan werken. ‘En als je dan ook nog aan gemeenten vraagt dit te gaan uitvoeren met véél te weinig geld, dan weet je dat het óók voor de mensen die nu al in de sociale werkvoorziening zitten helemaal mis zal gaan.’
Ook de overheveling van de taken van de jeugdzorg naar de gemeente baart de SP-ers grote zorgen. Roemer: ‘Nota bene bij de jeugdzorg zijn gemeenten eigenlijk blij dat ze deze taak krijgen. Maar als dat dan betekent dat ze tegelijkertijd 300 miljoen minder voor die taak krijgen, dan blijft van die blijdschap weinig of niets meer over. Het is een duidelijke patroon dat je ook ziet bij alle andere taken die bij de gemeente over de schutting worden gegooid. Ook daar moeten de gemeenten de bezuinigingen van het rijk gaan uitvoeren.’
De gezamenlijke conclusie van Emile Roemer en de SP-wethouders is dat op deze manier de crisis wordt afgewenteld op degenen die juist ondersteuning en solidariteit nodig hebben, en die op geen enkele manier de crisis veroorzaakt hebben. Roemer: ‘Mensen met een handicap moeten straks onder het minimumloon gaan werken, en de bankiers strijken weer hun bonussen op. Dat is de manier waarop dit kabinet met de gevolgen van de crisis om gaat. Dat pikken wij niet. Armoede en tweedeling zullen door dit beleid nog verder toenemen. Sommige steden en regio´s waar de sociale problemen toch al groot zijn, zullen daar extra de dupe van worden.’
Filed under Aflevering 4-42 by myrtedejong on 6 juni 2011 at 18:09
no comments
Bron: Almere Vandaag
Wethouder van Jeugdzaken René Peeters maakt zich grote zorgen over de 230 zwerfjongeren die rondzwerven in Almere. Dat zei hij 21 mei jl., tijdens Nachtgasten, de latenight talkshow van Almere Vandaag en Corrosia in Haven. Peeters zoekt op dit moment naar mogelijkheden om kleinschalige initiatieven die zich richten op de begeleiding van deze jongeren, te ondersteunen.
,,Ik ben laatst op bezoek geweest bij een initiatief waar zo’n twintig jongeren worden opgevangen. De begeleiders hebben zich afgescheiden van een grote organisatie en hebben deze jongeren met zich meegenomen. De verhalen die je er hoort zijn aangrijpend”, aldus de wethouder. ,,Zo was er één jongen die bij de scheiding van zijn ouders noch zijn vader noch zijn moeder voor hem wilde zorgen. Dat soort verhalen hakken er in.”
Zwerfjongeren hebben begeleiders nodig die zij kunnen vertrouwen, stelt hij. En het is volgens hem vaak makkelijker als dat in een kleinschalige omgeving gebeurt. ,,Het gevaar is echter wel dat er misschien wel minder kennis bij die initiatieven aanwezig is. Dus ik wil de komende tijd uitzoeken hoe de ondersteuning vanuit de gemeente, voor dit soort begeleiding, vorm kan worden gegeven.”
Filed under Aflevering 4-42 by myrtedejong on 6 juni 2011 at 18:07
no comments
Bron: Ministerie van OCW
De Tweede Kamer heeft ingestemd met een wetsvoorstel van minister Van Bijsterveldt (OCW) waarmee middelbare scholieren verplicht worden een maatschappelijke stage (MaS) te volgen. In hun schoolloopbaan moeten jongeren vanaf het schooljaar 2011-2012 in totaal 30 uur aan maatschappelijke stage volgen. De nieuwe regel geldt voor alle schooltypes.
Urenaantal verminderd
Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) heeft de MaS intensief onderzocht en getest door middel van een pilot, waarin 60.000 scholieren een MaS volgden. Naar aanleiding van deze ervaringen is besloten om het urenaantal naar beneden te schroeven. In de wet die nu is aangenomen staat dat scholieren over hun hele loopbaan 30 uur aan stage moeten volgen, in plaats van de eerder gestelde 3 maanden. Hierin volgt Van Bijsterveldt het advies van de Raad van State, die zich eerder uitsprak over het hoge urenaantal.
LAKS: verplichting is ‘onzinnig en onwerkbaar’
Het Landelijk Aktie Komitee Scholieren (LAKS) is blij met de vermindering van het aantal uren, maar noemt de verplichting van de maatschappelijke stage ‘onzinnig en onwerkbaar’. LAKS-voorzitter De Jong: “Minister Van Bijsterveldt zegt zelf dat het onderwijs zich moet focussen op haar kerntaak, maar verplicht ondertussen scholen en scholieren veel tijd en energie te steken in een goedbedoeld Haags project. In de praktijk zal dit veel problemen opleveren.”
Begeleiding kan beter
Zowel scholen als ouders zijn positief over de maatschappelijke stage. Uit onderzoek van marktonderzoekbureau Intomart van juni 2010 blijkt dat ruim 80 procent van de moeders en vaders positief gezind zijn over de MaS. Toenmalig staatssecretaris Van Bijsterveldt gaf aan verheugd te zijn dat de maatschappelijke stage draagvlak heeft. Van de scholieren die in de pilot een stage gevolgd hebben, vindt 71 procent de MaS zinvol. Er is wel ruimte voor verbetering: de helft van de jongeren gaf aan dat de begeleiding voldoende was.
Filed under Aflevering 4-42 by myrtedejong on 6 juni 2011 at 18:05
no comments
Bron: Simone Ketelaars, Nicis Institute
Het aantal mensen dat onder de armoedegrens leeft in Nederland neemt weer toe, als gevolg van de economische crisis. Steeds meer kinderen groeien op in arme huishoudens. “Ook zijn er nu veel meer mensen die wel werken maar toch arm zijn,” vertelt Erik Snel, socioloog en onderzoeker. In opdracht van de gemeente Amsterdam en in samenwerking met de Dienst Onderzoek & Statistiek doet hij momenteel onderzoek naar die relatief nieuwe groep werkende armen.
Veel armoede in Amsterdam
In Amsterdam is het aantal minimahuishoudens in 2009 en 2010 licht gestegen tot 71.564. Dat is ruim 16 procent van het totaal aantal huishoudens in de hoofdstad. Ter vergelijking, dat is bijna 1 op de 5, terwijl het landelijk gemiddelde op 1 op de 10 ligt. Tegelijkertijd wordt de stad geconfronteerd met grote bezuinigingen op de sociale zekerheid. De gemeente moet daarom het beleid veranderen en heeft onder meer een armoederegisseur ingesteld die zich richt op het duurzaam bestrijden van armoede en het stimuleren van zelfredzaamheid. Onderzoeker Erik Snel: “Het is heel goed dat iemand buiten de formele lijnen om probeert zicht te krijgen op de situatie. De armoederegisseur zoekt uit wat je kunt doen met weinig geld. Zo stimuleert zij dat succesvolle Amsterdammers minder succesvolle Amsterdammers helpen.”
Werkende armen voornamelijk alleenstaande moeders en migranten
Van alle minima in Amsterdam hebben er 23.000 werk. Dat is een grote groep werkende armen. De gemeente en de armoederegisseur willen meer weten over deze groep en gaven daarom opdracht voor aanvullend onderzoek. Snel is momenteel bezig met de analyse van de interviews met betrokkenen. “Wat opvalt is dat de groep werkende armen voornamelijk bestaat uit alleenstaande moeders. Vaak zijn dat vrouwen die gescheiden zijn en in het verleden nooit hebben gewerkt. Na de scheiding zijn zij in de bijstand gekomen. Zij werken inmiddels wel parttime maar zijn laagopgeleid en komen niet boven het bijstandsniveau uit.” Snel vertelt dat er daarnaast veel traditionele eenverdieners zijn; dat zijn voornamelijk migranten waarbij de man laagopgeleid is en alleen voor het hele gezin moet zorgen. Die gezinnen blijven daardoor ook vaak leven onder de armoedegrens.
Strenger overheidsbeleid leidt tot meer werkende armen
Dan rijst de vraag: waarom werken deze mensen eigenlijk? Snel: “Vroeger zouden zij een uitkering hebben. Sinds de omslag in de verzorgingsstaat en nieuwe bijstandswetten (zoals de Wet Werk en Bijstand) zijn er steeds meer maatregelen genomen om mensen aan het werk te krijgen.” Zij worden gedwongen om uit de uitkering te stappen en aan het werk te gaan, ook vrouwen met kinderen tot 12 of zelfs 5 jaar die dat voorheen niet hoefden. Het feit dat er steeds meer werkende armen zijn, ligt dus aan persoonskenmerken (voornamelijk een laag opleidingsniveau) en het strengere overheidsbeleid.
Nieuwe relatie, meer geld
Er zijn ook mensen die een paar jaar geleden nog tot de werkende armen behoorden en nu niet meer. Met 20 van hen zijn voor dit onderzoek interviews gedaan, om te achterhalen waarom zij nu niet meer arm zijn en hoe dat zo gekomen is. “Vaak hadden deze mensen een nieuwe relatie gekregen met iemand met een betere baan. Een enkeling had zelf een betere baan gevonden. Overigens blijft het begrip ‘armoedegrens’ een bureaucratisch statistische grens. Sommige mensen wisten niet eens dat ze arm of juist niet arm waren,” vertelt de onderzoeker.
Armoedeprobleem nog groter in Rotterdam
Amsterdam is niet de enige stad in Nederland met een grote groep werkende armen. Snel: “De hoofdstad heeft naar verwachting minder werkende armen dan bijvoorbeeld Rotterdam, onder meer doordat Amsterdam altijd achteraan heeft gelopen met activeringsbeleid. Bovendien heeft Rotterdam verhoudingsgewijs een armere bevolking met meer laagopgeleiden. Toch had die stad tot nu toe geen armoederegisseur nodig met een bevlogen en doortastende wethouder als Dominic Schrijer.” Dat zal vanaf nu, na het hoogopgelopen conflict over armoedebeleid dat leidde tot zijn vertrek, wellicht anders worden.
Meer informatie
Eind zomer 2011 zal de publicatie naar aanleiding van het onderzoek naar werkende armen in Amsterdam van Erik Snel in samenwerking met de Dienst Onderzoek en Statistiek beschikbaar zijn en ook te downloaden op www.nicis.nl.
Filed under Aflevering 4-42 by myrtedejong on 6 juni 2011 at 18:03
no comments
Bron: Actiz
De Eerste Kamer heeft ingestemd met de wetswijziging Wet publieke gezondheid tweede tranche. Met deze wetswijziging wordt het geven van prenatale voorlichting aan aanstaande ouders een gemeentelijke taak. Het aantal GGD’en wordt teruggebracht tot 25, waarbij de werkgebieden van de GGD’en hetzelfde zijn als de 25 veiligheidsregio’s.
Wijzigingen
De Wet publieke gezondheid (Wpg) tweede trancheheeft behalve de hierboven genoemde punten ook de volgende wijzigingen tot gevolg:
- Versterking van de preventiecyclus.
- Bevordering van de uitvoering van de gemeentelijke nota’s gezondheidsbeleid.
- Gemeenten kunnen een GGD vormen die meer dan één veiligheidsregio omvat. De GGD moet dan wel de gehele veiligheidsregio omvatten. Meerdere GGD’en binnen een veiligheidsregio is niet mogelijk.
- Aanstelling van een directeur publieke gezondheid die zowel leiding geeft aan de GGD-organisatie als de GHOR-organisatie.
- Meer samenhang Wpg met de Wet veiligheidsregio’s
- Publieke gezondheid (grootschalige infectieziektebestrijding) maakt integraal onderdeel uit van de regionale crisisplannen
- Het bestuur van de veiligheidsregio wordt verantwoordelijk voor de voorbereiding op eventuele grootschalige infectieziektecrises.
De wetswijziging treedt 1 januari 2012 in werking.
Recente reacties